Voor kinderen van 2 tot 5 jaar kijkt de American Academy of Pediatrics (AAP) niet alleen naar hoe lang schermtijd duurt, maar ook naar hoe die wordt besteed: ouders kijken of spelen het best samen met hun kind, helpen het begrijpen wat het ziet en verbinden het met de wereld eromheen. Dit artikel gaat over hoe je van een paar minuten een gesprek maakt.
Waarom samen ertoe doet
Volgens het Center on the Developing Child van Harvard University bouwt het heen-en-weer tussen een kind en een volwassene – het kind geeft een signaal, de volwassene reageert – verbindingen in de hersenen van het kind op en versterkt ze. Dat heen-en-weer kan ook voor een scherm gebeuren: als je kind ergens naar wijst en jij antwoordt.
Zes gewoontes
1. Ga aan het begin samen zitten
Kijk de eerste minuten mee wat je kind doet, en vraag ernaar. Heeft het de slag te pakken, dan kun je er rustig naast blijven zitten.
2. Vraag, overhoor niet
“Wat denk je dat er nu gebeurt?” “Welke zou jij kiezen?” Een open vraag begint een gesprek; “hoeveel is twee plus twee?” begint een toets.
3. Neem het mee naar het kleed
Wat er op het scherm gebeurde, kan gewoon doorgaan: zochten jullie kleuren, zoek ze dan in de kamer; telden jullie, tel dan lepels.
4. Spreek van tevoren af wanneer het stopt
Weet je kind dat het “nog twee spelletjes, dan eten” is, dan is stoppen makkelijker. Zomaar uitzetten eindigt meestal in ruzie.
5. Houd sommige momenten en plekken schermvrij
Voor kinderen vanaf 6 jaar raadt de AAP mediavrije momenten aan, zoals het eten of autorijden, en mediavrije plekken, zoals slaapkamers. Het is een goede gewoonte om daar eerder mee te beginnen.
6. Heb iets anders om te doen
Als de tijd om is, helpt een concreet idee: “Zullen we een toren bouwen?” Alleen “zet maar uit” is lastiger.
Met Teki
Teki is gemaakt om samen te spelen: voor veel spelletjes heb je alleen een paar blokken en een kussen nodig, en jij stelt de dagelijkse schermtijd in. Als de tijd om is, stelt Teki iets voor om samen te spelen. Zo werkt Teki





